|

WACHTEN ……….
Wachten duurt lang. Nee, ik wacht niet op een cliënt. Sinds half acht wacht ik op een ZZP-er die de stormschade aan het dak komt beoordelen. ‘Nee, ik red het echt niet vandaag’, zei hij eergister. ‘Ik kom donderdag: half acht - acht uur.’ ‘ ’s Morgens?’, vraag ik voor de zekerheid?’
In de stilte van de ochtend, opkijkend bij elk geluid van een auto, denk ik terug aan het telefoongesprek met mijn zus, gister. Jongstleden weekend had ze een reünie: vijfde klas lagere school, = nu zevende klas basisschool. ‘Ik weet niet of dat nou wel zo goed is hoor, al die herinneringen ophalen …..’, hoorde ik haar twijfelachtig zeggen. Vervolgens begon ze enthousiast te vertellen over haar oud-vriendinnetjes, rivaaltjes, kattenkopjes, bewonderaartjes, afgunstigertjes en vooral over degenen die toen al een doel voor ogen hadden en het hebben waargemaakt.. ‘Wauw’, dacht ik, ‘dat is voer voor psychologen.’ Misschien is het al onderzocht. Mijn zus en ik bellen niet zo vaak. Dat komt door mij. Ik ben geen beller. Liever ga ik naar iemand toe. De persoon zien. Lang geleden las ik het eens: 93% van de communicatie is non-verbaal. Gigantisch. Vanuit mijn vakgebied zette me dat behoorlijk aan ’t denken. Stel ik vraag mijn cliënt van alles om het in te voeren in de computer, zit met de rug naar hem of haar toe, wat merk ik dan allemaal niet op?! Niet aan denken.
Deze week keek ik naar dokter Phil. Hij zei tegen een persoon in zijn show: ‘I’m an expert on nonverbal communication. Do you know that 93% of communication nonverbal is …….?‘ Toen wist ik het zeker. Ik dwaal af. Dit schijnt vrouwen eigen te zijn. Terug naar mijn zus. Ze is anderhalf jaar jonger dan ik. Een echte carrièrevrouw. Met alle ups en downs als gevolg. ‘In het jaar dat we allemaal zestig worden organiseren we een reünie op Mallorca. Dan komen ze naar mij.’, zegt ze. Dat is confronterend. Volgend jaar word ik zestig. Het probleem is dat ik me niet zo oud voel. Dit is cliché. ‘Zestig!’ zeg ik tegen haar. ‘Volgend jaar word ik zestig! Vroeger, toen we jong waren was iemand van zestig echt oud. Oud, mijn vader is oud. Die is acht en tachtig. Hoe zijn wij als we acht en tachtig zijn?!’, opper ik. ‘Och……’ reageert ze. Voor mij duurt dat bijna nog dertig jaar. Dat is vooruit in de tijd. ‘Hoe oud was jij dertig jaar geleden?’, vraag ik. ‘Vierentwintig, getrouwd, werkte voor een woningbouwstichting. Ging met aannemers mee de bouw op. Als ik nu in mijn werk iemand van vierentwintig tegen kom vind ik het maar een snotneus ….’ AU!!!! Ik weet niet zo goed wat ik moet zeggen. Weet niet hoe ík dat voel. Weet wel dat toen ik jong was ik het gevoel had dat ik het wist. Dat wordt steeds minder. Steeds meer word ik me bewust van die non-verbale communicatie. Ook in mezelf.
Neem nu dit moment. Ik zit achter de computer. Het hoofd schuin ‘kijk’ ik naar de beelden in mijn hoofd. Ik probeer ze te ordenen, er woorden aan te koppelen zodat als iemand dit leest ze beelden kunnen vormen in het hoofd van diegene. Of filmpjes. Ik wacht, zit met mijn handen gekruist, denk aan het boek dat ik geleend heb uit de bieb en dat me aangezet heeft tot opnieuw creatief bezig zijn: scheuren met papier, lijnen trekken, draaien, vormen in kleuren met de ogen dicht.. Papier, gescheurd uit glossy tijdschriften, prachtige kleuren en structuren als een savooiekool, gras, een blinkende rode appel, de stof van een kledingstuk, woorden, groot en klein in een andere volgorde een andere betekenis. Ik wetend uit welke taal ze komen, de kijker ongewis. Ik droom nog even verder. Zolang ik dit kan blijven doen vind ik het niet erg oud te worden, en te zijn.
De ZZP-er is er nog steeds niet.. Inmiddels is het kwart over negen, ’s morgens. Was hij gekomen dan had ik deze column niet geschreven. De stilte van het wachten heeft de blokkade doorbroken. Wat overigens geen garantie is voor het opvoeren van de frequentie.. Geduld is een kwaliteit die je niet genoeg kunt oefenen. Ik ga hem eens bellen. Hij is me vast vergeten.
Het eind van de dag. Hij was me niet vergeten. Voor ik belde was hij er al. Gelukkig want mannen vinden het niet prettig als ze achterna worden gelopen. Zelf heb ik ook gewerkt. Cliënten met een afasie thuis bezocht. Nonverbaal gecommuniceerd, 93%. Het dak is gemaakt: niet alleen gekeken, direct gerepareerd. De regen kan weer vallen.
M.A.E. (Marianne) van der Heijden Vrijgevestigd logopedist Gendt en Herwen Dries 19 6691 AA Gendt
 |
Veel stof... Goed geschreven!
Ja, mensen met doelen bereiken meer. Is al meermaals onderzocht en bewezen.
En als je niet wilt bellen, dan kom je toch gewoon.
Liefs
Angeline - je zusje